Vrijwel iedereen maakt in zijn of haar leven wel eens een ingrijpende gebeurtenis mee, zoals een ongeluk, een geweldsincident of een verlies. In Nederland krijgt ongeveer 80% van de volwassenen ooit te maken met een mogelijk traumatische ervaring. Voor de meeste mensen is zo’n ervaring heftig, maar zijn de klachten tijdelijk. Sommigen ontwikkelen blijvende klachten die kunnen uitmonden in een posttraumatische stressstoornis – oftewel PTSS. Maar wat gebeurt er dan precies in het lichaam en brein? Waarom ontwikkelt de één langdurige klachten en de ander niet? En wat kun je doen – voor jezelf of voor een ander? In deze blog geven we een antwoord op deze vragen.
Wat is trauma?
Om te begrijpen wat PTSS is, is het belangrijk eerst stil te staan bij de betekenis van ‘trauma’. Vaak wordt het woord ‘traumatisch’ onterecht of verkeerd gebruikt. Men gebruikt deze term al snel voor ervaringen die verdrietig, schokkend of pijnlijk zijn. Echter, niet elke nare ervaring is per definitie traumatisch. In de psychologie beschrijft men trauma als ‘een ervaring waarbij iemand geconfronteerd wordt met ernstige verwondingen, de dood of schending van lichamelijke integriteit, of met de dreiging ervan.’ Hierbij is het belangrijk dat het niet alleen gaat om wat er feitelijk is gebeurd, maar ook hoe iemand het heeft beleefd.
Tijdens zo’n ervaring schakelt het lichaam razendsnel over op de overlevingsmodus. Dit is een automatische en natuurlijke reactie die bekendstaat als het fight-flight-freeze-systeem: vechten, vluchten of bevriezen. Een deel van de hersenen herkent en detecteert gevaar en zorgt ervoor dat het lichaam zich direct klaarmaakt om te reageren op het gevaar. Hierbij wordt de HPA-as (hypothalamus-hypofyse-bijnier-as) geactiveerd, waardoor stresshormonen zoals adrenaline en cortisol worden aangemaakt. Deze zorgen ervoor dat het lichaam direct in staat is om te vechten, vluchten of bevriezen.
Wat is PTSS?
Bij de meeste mensen daalt het stressniveau na de gebeurtenis geleidelijk weer. Soms blijft het alarmsysteem actief, wat kan wijzen op een verstoorde verwerking van de gebeurtenis. De gebeurtenis blijft dan als het ware vastzitten in het geheugen en het lichaam blijft in de overlevingsmodus. Dit kan uiteindelijk leiden tot PTSS. Er zijn dan verschillende hersengebieden overactief of verstoord. Hierdoor kan het voelen alsof het trauma zich nog steeds afspeelt, terwijl het in het verleden is gebeurd. Herinneringen blijven zich opdringen, vaak op onverwachte momenten. Het kan dan voelen alsof het gevaar zich opnieuw aandient, ook al is dit niet zo. Mensen met PTSS ervaren hierdoor herbelevingen, flashbacks of nachtmerries. Dit kan gepaard gaan met lichamelijke reacties, zoals hartkloppingen, zweten of trillen.
Gevolgen van PTSS
Veel mensen met PTSS vertonen vermijdingsgedrag: ze mijden situaties, personen of gesprekken die herinneren aan de gebeurtenis. Ook gedachten of gevoelens kunnen te overweldigend aanvoelen en daarom onderdrukt worden. Dit alles kan leiden tot emotionele afsluiting en sociale terugtrekking, wat het gevoel van vervreemding versterkt. Soms worden delen van het trauma vergeten of verdrongen. Dit is een beschermingsmechanisme van het brein.
Daarnaast ontstaan vaak negatieve veranderingen in denken en stemming. Schuldgevoelens, schaamte of somberheid komen vaak voor, evenals een verlies van vertrouwen in zichzelf, anderen of de wereld. Het wordt moeilijk om positieve emoties te ervaren en het gevoel van veiligheid kan ontbreken. Sommigen voelen zich vervreemd van hun eigen lichaam of emoties, wat deels samenhangt met vermijdingsgedrag: het (onbewust) verdringen van pijnlijke herinneringen of emoties.
Daarnaast is er sprake van verhoogde prikkelbaarheid, ook wel hyperarousal. Het zenuwstelsel blijft dan continu actief, ook al is er geen direct gevaar. Dit uit zich in slaapproblemen, schrikachtigheid, prikkelbaarheid, concentratieproblemen en een constante spanning.
Samenspel van factoren
Niet iedereen die een traumatische gebeurtenis meemaakt, krijgt PTSS. Dit hangt af van een complex samenspel van factoren. Allereerst speelt de aard van het trauma een rol: hoe gewelddadig, onverwacht, langdurig of herhaald het was. Daarnaast is de subjectieve beleving van belang: hoe bang of machteloos voelde iemand zich tijdens de gebeurtenis? Uit onderzoek blijkt verder dat sociale steun één van de belangrijkste beschermende factoren is. Mensen die erkenning en steun krijgen van hun omgeving, lopen minder risico op PTSS. Ook persoonlijke veerkracht speelt mee. Eigenschappen zoals zelfvertrouwen, emotieregulatie en eerdere ervaringen helpen om stress te verwerken. PTSS ontstaat dus niet alleen door het trauma zelf, maar ook door hoe het wordt beleefd, hoe de omgeving reageert en hoe iemand met stress om gaat.
Hulp en ondersteuning
Iemand steunen na een traumatische gebeurtenis is niet eenvoudig, maar kan voor de ander veel betekenen. Als naaste kun je luisteren zonder te oordelen, aanwezig zijn en erkenning geven voor wat diegene doormaakt. Dwingen tot praten werkt averechts, het is juist belangrijk om de ander ruimte te geven en er te zijn als de ander je nodig heeft.
Voor jezelf is het belangrijk om serieus te nemen wat je voelt. Probeer erover te praten met iemand die je vertrouwt – je hoeft de pijn niet alleen te dragen. Herstel begint vaak met erkenning. Een balans vinden tussen het verdringen en erkennen van gevoelens is lastig, maar wel belangrijk. Als je merkt dat de klachten aanhouden, je dagelijks functioneren beïnvloeden of als je merkt dat je ‘jezelf verliest’, kun je ook overwegen professionele hulp te zoeken.
Ervaart u of iemand die u kent problemen met de verwerking van traumatische gebeurtenissen en heeft u behoefte aan hulp en ondersteuning? Dan kunt u altijd contact opnemen met Deviaa voor een intakegesprek. Graag helpen wij u verder.